De ouder die na een scheiding de kinderen niet meer ziet krijgt van de hulpverlening of de rechter nog regelmatig het advies om 'een stapje terugdoen'. Ondanks dat de wetenschappelijke onderbouwing daarvoor ontbreekt, is men in de veronderstelling dat de 'rust' het kind goed zal doen. Het contact kan weer worden opgepakt 'als het kind daaraan toe is', is de gedachte. Echter, kinderen die als gevolg van ouderverstoting vervreemd zijn van een ouder, komen daar zelden uit zichzelf op terug. Die zogenaamde rust is slechts schijn, omdat de beïnvloeding door de controlerende ouder gewoon doorgaat en kinderen daar niet tegenin durven gaan.
Deur open voor ouderverstoting
Marcel ziet zijn drie zoons al jaren niet. Zijn ex-vrouw slaagde erin om hem op basis van het 'klemcriterium' uit de ouderlijke macht te laten zetten. Daarmee werd de deur wagenwijd open gezet om mij volledig van mijn kinderen te vervreemden, zegt Marcel. Het Hof – die de uitspraak bekrachtigde – vertelde hem dat ze dit niet deden omdat hij een slechte vader zou zijn. Dat bent u pertinent niet, benadrukte een van de raadsheren. Waarom die beslissing dan toch werd genomen en zijn ex-vrouw vrij spel kreeg, blijft voor Marcel een raadsel.
De goede en de slechte ouder
Het idee dat de andere ouder niet van het kind houdt, niet geïnteresseerd en zelfs gevaarlijk is, krijgt nu de gelegenheid zich nog steviger te verankeren in het brein van het kind. De verkapte boodschap is dat deze ouder niet langer een belangrijke gezagsfiguur is of iemand met wie het kind een speciale band heeft. De emotionele afstand tot de 'slechte' ouder wordt groter en groter.
De controlerende ouder daarentegen weet zichzelf neer te zetten als de meest liefdevolle, beschermende en betrokken ouder die een kind zich maar kan wensen. Het kind raakt ervan overtuigd dat het zonder deze ouder reddeloos verloren is en zal alles doen om het deze 'favoriete' ouder naar de zin te maken.
Kritisch denken uitgeschakeld
Dit zwart-witdenken of psychologische splitsing is een overlevingsstrategie van kinderen die te maken hebben met ouderverstoting. Het kind is zich daar niet van bewust en denkt dat het helemaal zelf tot de conclusie is gekomen dat zijn ene ouder perfect is en de andere niets goed kan doen. Het afwijzen van die 'slechte' ouder is in de ogen van het kind dan ook volstrekt gerechtvaardigd. Dat verklaart meteen het gebrek aan schuldgevoel wanneer vervreemde kinderen zich minachtend uitlaten over de verstoten ouder.
Afgewezen ouders krijgen van de instanties ook wel te horen dat 'de kinderen vanzelf wel komen als ze oud genoeg zijn om te begrijpen wat er is gebeurd'. Dat wordt gezegd in de veronderstelling dat kinderen naarmate ze ouder worden leren zelfstandig te denken en hun eigen keuzes te maken. Maar dat gaat niet op voor vervreemde kinderen. Hun vermogen om kritisch en autonoom te denken is als gevolg van de emotionele mishandeling door de controlerende ouder zo goed als uitgeschakeld, omdat ze moeten voldoen aan de wensen en behoeften van de controlerende ouder.
Opgroeien met een giftige ouder
Wanneer de afgewezen ouder de omgang volledig wordt ontzegd, bevestigen professionals de psychologische splitsing bij het kind. Het is verleidelijk om te denken dat het kind nu bevrijd is uit de schadelijke 'strijd' tussen de ex-partners en te hopen dat het later wel weer goed komt. Maar dat gebeurt meestal niet. Wat wel gebeurt is dat deze kinderen zijn veroordeeld op te groeien in een giftige omgeving. Zij zullen daar de rest van hun leven (psychische) schade van ondervinden en dit – onbewust – doorgeven aan de volgende generatie.
